» 
alemão búlgaro chinês croata dinamarquês eslovaco esloveno espanhol estoniano farsi finlandês francês grego hebraico hindi holandês húngaro indonésio inglês islandês italiano japonês korean letão língua árabe lituano malgaxe norueguês polonês português romeno russo sérvio sueco tailandês tcheco turco vietnamês
alemão búlgaro chinês croata dinamarquês eslovaco esloveno espanhol estoniano farsi finlandês francês grego hebraico hindi holandês húngaro indonésio inglês islandês italiano japonês korean letão língua árabe lituano malgaxe norueguês polonês português romeno russo sérvio sueco tailandês tcheco turco vietnamês

tradução - alarmar

   Publicidade ▼

ver também

dicionario analógico


 

frayeur (grande peur) (fr)[Classe]

observaçãoregistratie; observatie; waarneming; stagering[Classe]

suspicion (en)[Classe]

perigo; risconood; gevaar; perikel; perikelen; risico; risico van gevaar[Classe]

(medrosamente), (medo; nervosidade; pavor; horror; terror; susto; pânico), (espantar; assustar; amedrontar; sobressaltar; aterrorizar)(angstig; angstvallig; kleinhartig; schichtig; beducht; kleinmoedig; bangelijk; kopschuw; vreesachtig), (nerveusheid; zenuwachtigheid; nervositeit; bangigheid; bangheid; schrik; angst; koersval; vrees; paniek; alarm), (aan het schrikken maken; angst aanjagen; laten schrikken; bang maken; verschrikken; schrik aanjagen; beangstigen; doen schrikken; de schrik op het lijf jagen)[termes liés]

factotum (en)[Domaine]

Stating (en)[Domaine]

represents (en)[Domaine]

EmotionalState (en)[Domaine]

informarinformeren, inlichten, kennen, mededelen, meedelen, op de hoogte stellen, verwittigen - sinalsein, seinlicht, signaal, taalteken, teken - pavor, sustoangst, angstgevoel, bangheid, beklemming, benauwdheid, schrik, vrees - boa vontadebereidheid, paraatheid, snelheid[Hyper.]

aviso, repreensãowaarschuwing - warner (en) - alarmar, alertaralarmeren, waarschuwen - alarmar, amedrontar, atordoar, bestificar, consternar, desconcertar, escandalizar, horrorizarafschrikken, alarmeren, ontstellen, schrik aanjagen, shockeren - alarmante, assustador, inquietantealarmerend, onrustbarend, verontrustend - unalarming (en) - alertawaakzaam[Dérivé]

épouvanter (fr) - angustiar, apavorar, aterrorizar, atormentar, horripilarbeangstigen, schrik aanjagen, terroriseren[Nominalisation]

admoestar, advertir, avisar, desalentar, desanimar, desencorajar, dissuadir, exortar, prevenirafraden om, ontmoedigen, ontraden, vermanen, waarschuwen, weerhouden van[Domaine]

alarmar (v.)


 

inquiéter (fr)[Classe]

faire naître un sentiment, un état affectif (fr)[Classe...]

espantar; assustar; amedrontar; sobressaltar; aterrorizaraan het schrikken maken; angst aanjagen; laten schrikken; bang maken; verschrikken; schrik aanjagen; beangstigen; doen schrikken; de schrik op het lijf jagen[ClasseHyper.]

frayeur (grande peur) (fr)[Classe]

personne qui doute (fr)[Classe]

personne favorable à un abandon dans un combat (fr)[Classe]

personne qui prévoit des échecs (fr)[Classe]

(medrosamente), (medo; nervosidade; pavor; horror; terror; susto; pânico), (espantar; assustar; amedrontar; sobressaltar; aterrorizar)(angstig; angstvallig; kleinhartig; schichtig; beducht; kleinmoedig; bangelijk; kopschuw; vreesachtig), (nerveusheid; zenuwachtigheid; nervositeit; bangigheid; bangheid; schrik; angst; koersval; vrees; paniek; alarm), (aan het schrikken maken; angst aanjagen; laten schrikken; bang maken; verschrikken; schrik aanjagen; beangstigen; doen schrikken; de schrik op het lijf jagen)[Thème]

psychology (en)[Domaine]

Frightening (en)[Domaine]

factotum (en)[Domaine]

EmotionalState (en)[Domaine]

excite, shake, shake up, stimulate, stir (en) - comunicador, transmissorcommunicator[Hyper.]

assustadorterrorisatie - espantalhoschrikbeeld, vogelschrik, vogelverschrikker - pavor, sustoangst, angstgevoel, bangheid, beklemming, benauwdheid, schrik, vrees - sustoschrik - horror, medo, nervosidade, pânico, pavor, susto, terroralarm, angst, bangheid, bangigheid, koersval, nerveusheid, nervositeit, paniek, schrik, vrees, zenuwachtigheid - alarmar, alertaralarmeren, waarschuwen - alarmar, amedrontar, atordoar, bestificar, consternar, desconcertar, escandalizar, horrorizarafschrikken, alarmeren, ontstellen, schrik aanjagen, shockeren - alarmante, assustador, inquietantealarmerend, onrustbarend, verontrustend - unalarming (en) - alarmism (en)[Dérivé]

épouvanter (fr) - angustiar, apavorar, aterrorizar, atormentar, horripilarbeangstigen, schrik aanjagen, terroriseren[Nominalisation]

recear, temerals een berg opzien tegen, duchten, met schrik tegemoetzien, opkijken tegen, opzien tegen, schrikken, verschieten, vrezen[Cause]

alarmar (v.)


   Publicidade ▼

 

todas as traduções do alarmar

definição e sinónimos de alarmar


Conteùdo de sensagent

  • tradução

   Publicidade ▼

 

6504 visitantes em linha

calculado em 0,203s

   Publicidade ▼