Publicitade D▼
smeren (v.)
يَدْهَن, يَدْهَن، يَطْلي, يَرُش, يُزَيِّت، يُشَحِّم, دهن, يُشَحِّم, زيّت, زّبدة, يَدْهَنُ بالزُّبْدَه, وزّع, نَشَرَ, يَنْتَشِر, يُوَزِّع, يُوَزِّع، يَفْرِد، يَبْسُط, يَنْشُر, طلاء, إنتشر, توسّع على, اِنْتَشَرَ, امْتَدَّ, اتَّسَعَ, تَوَسَّعَ, لطّخ
Publicidade ▼
Ver também
smeren (v. trans.)
↘ gel, glijmiddel, glijpasta, olie, smeermiddel, smeerolie ↗ boter, natuurboter, roomboter ≠ bijeengaren, bijeenkrijgen, bijeenrapen, collectioneren, lezen, paren, rapen, samenbrengen, samenroepen, sparen, verenigen, vergaderen
smeren (v.)
↘ distributie, reikwijdte, uitstalling, verbreiding, verspreiding
smeren (v.)
smeren (v.)
smeren (v.)
smeren (v.)
smeren (v.)
smeren (v. tr.)
faire couvrir une surface plus grande à (fr)[ClasseParExt.]
plaatsen; aanbrengen; installeren; neerleggen[Classe]
développer qqch de plié dans toute son extension (fr)[Classe]
entretenir le linge (opérations diverses) (fr)[DomaineCollocation]
étendoir (fr)[GenV+comp]
languit liggen, uitgestrekt liggen[Syntagme]
smeren (v. tr.)
smeren (v. tr.)
étaler une substance (fr)[Classe]
(roomboter), (botervlootje; botervloot)[termes liés]
smeren (v. tr.)
Publicidade ▼